RecyBEM weet wèl waar het zink is gebleven

RecyBEM weet wel waar het zink is gebleven

Zembla gaat vandaag betogen dat er bij wel 1.000 kunstgrasvelden in Nederland teveel zink in de bodem zou zitten. Maar uit contact dat RecyBEM met het programma heeft gehad blijkt deze claim op weinig te zijn gebaseerd.

 

De makers van Zembla laten niet los en hebben zich vastgebeten in het idee dat er iets mis moét zijn met rubbergranulaat.

Onder de velden

De makers gaan nu ónder de velden kijken. Want Nederland zou met een enorm zinkprobleem opgescheept zitten vanwege de rubberinfill. Maar een deugdelijke onderbouwing voor dit probleem ontbreekt. Er worden in de uitzending naar verwachting weer veel meningen gedebiteerd zonder feiten.

Het aantal van 1.000 kunstgrasvelden met een zinkprobleem is niet gevalideerd. Dat aantal is gebaseerd op een uitspraak van een aannemer maar er is geen onderzoek naar gedaan.

Niet volgens de voorschriften

Renovatieprojecten van oudere sportvelden lieten zien dat er in de eerste 10 centimeter onder de velden die niet volgens de voorschriften zijn aangelegd, hogere concentraties zink zijn aangetroffen. Dat is geen verrassing omdat rubber zink bevat. De vraag is echter of het zink ook is opgelost.

Onder deze sporttechnische laag bevat de drainagelaag hoogstens in de bovenste 2 centimeter wat meer zink dan gebruikelijk. “Dit is niet anders dan bij vele andere bouwwerken in Nederland waarbij een constructie bij renovatie moet worden vervangen.

Absorptielaag

“Normaal gesproken reserveren eigenaren hiervoor een bedrag in hun renovatiebegroting”, stelt chemisch technoloog Frank Hopstaken. “Bovendien is hier geen sprake van rubbergranulaat als infill, maar van rubber als onderdeel van een bouwstof.

Al sinds 2007 wordt zinkverspreiding voorkomen door onder het rubber infill materiaal een 40 cm. dikke absorptielaag te leggen. Zo’n laag is onder ieder kunstgrasveld sowieso nodig voor de speeltechnische kwaliteit en de demping”, aldus Hopstaken.

RecyBEM onderzoek

RecyBEM heeft in 2007 en 2009 samen met o.m. het RIVM en VROM de uitloging van zink laten onderzoeken. Deze tests gaven indicaties die daarna tussen 2006 en 2013 in een langdurige praktijkproef zijn getoetst.

Die tests, op vijf sportvelden, toonden al aan dat er maar lage concentraties zink uitloogden. De praktijktoets, gemeten over zeven jaar, bevestigde dit beeld. Het drainagewater bevatte minder zink dan het regenwater dat op de velden viel.

Weinig zinvol

Hopstaken: “Het tv-programma stelt dat niet het drainagewater had moeten worden gemeten, maar het water in de sloten naast de velden. De bij het onderzoek betrokkenen partijen waren het er indertijd echter over eens dat het meten van slootwater en slib weinig zinvol was. Daarin kon namelijk niet goed worden herleid waar de eventuele zinkconcentraties vandaan zouden komen.

Waar is dat zink gebleven

Namens RecyBEM heeft Hopstaken geprobeerd om de programmamakers de zink uitloging uit te leggen. Hopstaken: “Het meest bijzondere moment was toen de redacteur mij vroeg waar is het zink dan gebleven was? Niemand heeft het namelijk kunnen vinden.”

Hopstaken antwoordde “dat zit nog gewoon in de korrel.” En dat was door de redacteuren blijkbaar niet als meest voor de hand liggende optie meegenomen.”

    Op de hoogte blijven? Meld je hier aan voor de nieuwsbrief!

    Partners

    De gemeente Zeewolde als oneerlijke concurrent en jachthaven exploitant