Sportbudgetten van gemeenten met 9% afgenomen

In 2013 heeft het Mulier Instituut in opdracht van het ministerie van VWS, een onderzoek uitgevoerd naar de gevolgen van de recessie voor de sportsector. Er bleek behoefte aan een nieuw overzicht van de gevolgen van de recessie en de impact op de sportbudgetten van gemeenten.

Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van beschikbare kennis, databestanden en een gemeentepeiling door de VSG met vragen over de gevolgen van de recessie voor de sportbudgetten. Een samenvatting.

1. Wat zijn de gevolgen van de recessie voor de gemeentelijke sportbudgetten en de verdeling van deze middelen?
Gemeenten gaven aan dat de recessie ook gevolgen heeft voor het gemeentelijk sportbudget. Zo’n 93% van de gemeenten heeft óf al bezuinigd op sport óf gaat dat in de komende collegeperiode doen. Sport wordt overigens niet harder getroffen dan andere sectoren maar juist meer dan andere sectoren ontzien. Desalniettemin nemen de sportbudgetten van gemeenten met circa 9% af.

Gemeenten bezuinigen vooral op de kosten van sportaccommodaties en subsidiegelden. De tarieven van sportaccommodaties gaan omhoog, nieuwbouw wordt uitgesteld of geannuleerd en op onderhoud wordt bespaard. De rekening van de sport wordt meer bij de gebruiker neergelegd zodat sporten duurder gaat worden voor de burger.

2. Wat zijn de gevolgen van de recessie voor de sportuitgaven van burgers?
Bij de burgers staat sport onderaan eventuele bezuinigingslijstjes. Zeven procent van de
bevolking heeft bezuinigd op sport en sportgerelateerde zaken. Ongeveer drie tot vier procent van de bevolking geeft aan op sportlidmaatschappen te hebben bezuinigd. Daarbij wordt overigens overwegend het ‘niet leuk meer’ vinden als reden aangevoerd en niet de financiële situatie. Bezuinigingen waarbij aangegeven wordt dat dit het gevolg is van de recessie hebben vooral betrekking op entreekaartjes voor bijvoorbeeld de ijsbaan of het zwembad en op de aankoop van sportartikelen.

3. Wat zijn de gevolgen van de recessie voor de financiële situatie van sportaanbieders?
De sportverenigingen houden zich nog staande maar maken zich wel zorgen over de toename van kosten (hogere accommodatietarieven) en de afname van inkomsten (lagere subsidies, minder sponsoren). Dit heeft consequenties voor de liquiditeit van de sportverenigingen.

De gevolgen van de recessie zijn duidelijker bij fitnesscentra en zwembaden. De fitnesssector kende in 2011 een record aantal uitschrijvingen van fitnesscentra en een beperkt aantal inschrijvingen van nieuwe centra. De fitnesssector vertoont wel groei met de opkomst van budget fitnessketens. Bij zwembaden lopen de bezoekersaantallen terug als gevolg van de bezuiniging door burgers op zwembadbezoek.

4. In hoeverre wordt het sporten voor de burger duurder en heeft dit consequenties voor de sportdeelname?
Sportbeoefening is vooralsnog niet veel duurder geworden omdat gemeenten de sportsector redelijk hebben ontzien en verenigingen contributieverhogingen zo veel mogelijk hebben vermeden. De verwachting van 90 procent van de gemeenten is dat in de komende jaren sporten voor de burger wel duurder gaat worden. Verenigingen zien zich geconfronteerd met hogere uitgaven en lagere inkomsten en kunnen dit veelal niet (meer) opvangen met eigen vermogen of door andere inkomsten te genereren. Hierdoor lijken contributieverhogingen voor de komende jaren onvermijdelijk.

    Op de hoogte blijven? Meld je hier aan voor de nieuwsbrief!

    Partners

    De gemeente Zeewolde als oneerlijke concurrent en jachthaven exploitant