Sportdeelname en motivatie door SCP onderzocht

De sportdeelname van ouders of partner is belangrijk. Zij verklaren mede waarom de ene helft van onze bevolking vaak sport en de andere helft niet of incidenteel.

Motieven om te sporten en sportdeelname van ouders of partner zijn belangrijk. Zij verklaren mede waarom de ene helft van onze bevolking frequent sport en de andere helft niet of incidenteel. Een onderzoek door het SCP.

 

Een kenmerk zoals de leefbaarheid is minder van belang voor de verklaring of mensen wel of niet sporten. Net zo min als accommodaties in de buurt of het gemeentelijke sportbeleid

Frequentie van de sportdeelname

In het rapport kansen op sportieve groei staat wat bepalend is voor de frequentie van de sportdeelname. Ook keken de onderzoekers of een doelgroep bij een sportclub of een commerciële aanbieder sport.

De analyse geeft meer zicht op kenmerken die bepalen of, hoe en hoe vaak jongeren en volwassenen aan sport doen.

Opleiding, gezondheid en voorbeeld

Het blijkt dat de kans dat jongeren aan sport doen, toeneemt als:

– zij gezondheid zijn;
– hun ouders aan sport doen of
– wanneer zij het competitieve aspect van sport belangrijk vinden.

Gezonde, kinderloze volwassenen met een hoger opleidingsniveau en inkomen hebben een grotere kans dat zij vaker sporten dan hun tegenpolen. Wanneer volwassenen het verbeteren van gezondheid d.m.v. sport belangrijk vinden, is de kans groter dat zij ook echt actief zijn.

Twee scenario’s

In het rapport zijn twee scenario’s uitgewerkt.
Het eerste laat zien dat de groep volwassenen die niet sporten, divers is. De helft van de niet-sportende volwassenen zijn te motiveren om te gaan sporten. Hun lage leeftijd, hoger opleidingsniveau en motivatie maken de kans groter dat zij dat gaan doen. Nu weerhouden een volle agenda, andere hobby’s en de kosten hen nog van sportdeelname.

Niet-sportende volwassenen

Er is een grote groep volwassenen die een kleine kans heeft om te gaan sporten. Zij zijn ouder, hebben vaker problemen met hun gezondheid en een lager opleidingsniveau. Ook vinden zij sport minder belangrijk voor hun gezondheid of sociale contacten. Deze niet-sportende volwassenen hebben een andere benadering nodig om hen in beweging te krijgen.

Leefbaarheid en sportverband

Het tweede scenario gaat over de leefbaarheid van de wijk en sportverband van jongeren. Jongeren uit wijken met minder goede leefbaarheid, sporten vaak informeel zoals op straat. Jongeren uit ‘beter leefbare’ wijken zijn vaker lid van een sportclub.

De eerste groep jongeren heeft ook vaker een slechtere gezondheid en lager opgeleide, en niet-sportende, ouders. Wijken met een lager dan gemiddelde leefbaarheid, vormen geografisch een afgebakend gebied waarvoor gemeentes beleid op maat kunnen maken.

Gemeentes met ‘slechtere’ wijken zetten vaker JOGG interventies in dan gemeentes zonder dergelijke wijken.

Please follow and like us:
error
Op de hoogte blijven? Meld je hier aan voor de nieuwsbrief!

Partners

SportStroom helpt clubs mede bij het financieren en de uitvoering van energiebesparende maatregelen. Maar ook bij het aanvragen van subsidies.PIN Voorschot zorgt simpel en snel voor extra geld voor uw sportclub. U lost dagelijks automatisch en ongemerkt een vast percentage van uw PIN-omzet af.Clubbier helpt sportclubs om een inkoopcollectief voor tapbier te startenDe gemeente Zeewolde als oneerlijke concurrent en jachthaven exploitant